Preek - Deuteronomium 10:12-22 - GOD EN VREEMDELINGEN

Inleiding

dia 1 - nationaliteiten

Als je hier zo om je heen kijkt zou je het niet zeggen,

maar Zaanstad schijnt de stad te zijn met de meeste nationaliteiten van Nederland.

In ieder geval in 2016, aldus online nieuwsplatform De Orkaan:

in Zaanstad woonden toen 187 verschillende nationaliteiten,

terwijl Amsterdam niet verder kwam dan 169.

 

Ongeveer twee derde van de Zaankanters is van Nederlandse afkomst.

Het andere derde is een heel divers geheel:

van expats tot vluchtelingen.

Maar de grootste groep ‘Nederlanders met een migratie-achtergrond’,

zoals dat tegenwoordig zo mooi heet,

dat zijn in Zaanstad mensen met Turkse wortels:

ongeveer 5% van de Zaankanters is van Turkse komaf.

Waarbij alleen de 1e en 2e generatie meetellen:

zijn je opa en oma vanuit Turkije naar Nederland geëmigreerd,

dan ben je 3e generatie en tel je als oorspronkelijk Nederlander.

 

dia 2 - Ekiz

In eerste instantie kregen de Turkse gastarbeiders een warm welkom:

we hadden mensen nodig die hard wilden werken.

Maar zo warm is de sfeer niet meer.

Ik las deze week een boekje van de Turks-Nederlandse schrijfster Fidan Ekiz,

‘hoe lang nog zwijgen’ heet het,

en zij merkt dat de angst voor buitenlanders in Nederland alleen maar toeneemt.

Steeds vaker worden buitenlanders als bedreiging gezien.

 

Dat heeft zijn weerslag onder de Turkse Nederlanders.

Vooral de 3e generatie wil vaak terug naar Turkije.

Dat zijn dus mensen die volgens de statistiekjes al als oorspronkelijke Nederlanders tellen.

Ze zijn geboren in Nederland, hun ouders zijn geboren in Nederland

en hun grootouders wonen in Nederland.

Je sociale leven, je familie, het is allemaal hier.

Toch wil juist deze generatie vaak terug:

ze voelen zich Nederlands, maar door Nederlanders buitengesloten.

Eenmaal in Turkije blijkt vaak dat ze daar helemaal niet kunnen aarden:

daarvoor zijn ze te veel Nederlander geworden.

 

dia 3 – God en vreemdelingen / Deuteronomium 10

Blijkbaar vinden we het moeilijk om met onze medelanders om te gaan.

‘Vreemdelingen’, met een bijbels woord.

In Zaanstad zijn dat er nogal wat,

dus een belangrijk thema om ook in de kerk over na te denken.

Na ‘God en milieu’, 2 weken geleden, en ‘God en economie’, vorige week,

gaat het vandaag over God en vreemdelingen.

We lezen Deuteronomium 10:12-22.

 

1.    Eigen land

dia 4 – eindelijk een eigen land!

Je hoeft de Israëlieten niet te vertellen wat het is om vreemdeling te zijn:

daar hadden ze ruime ervaring mee!

Al sinds mensenheugenis, meer dan 400 jaar,

is Israël een volk zonder land.

Al die tijd hebben ze in Egypte gewoond,

maar Egyptenaren zijn ze nooit geworden: ze bleven vreemdelingen.

In eerste instantie werden de Israëlieten er,

net als de Turken in Nederland, warm ontvangen.

Ze kregen een eigen gebied om te wonen,

en leverden hun bijdrage aan de Egyptische samenleving:

hun Jozef had een hoge functie in de Egyptische hiërarchie.

 

dia 5 – slavernij Egypte

Maar toen bleek dat de Israëlieten geen tijdelijke gasten waren,

werd de  houding van de Egyptenaren al wat minder vriendelijk.

Bovendien bleven er maar meer Israëlieten komen:

het begon als één familie, maar langzamerhand werd het een heus volk.

En al die mensen moesten natuurlijk ergens wonen, werken en eten.

Je hoort de Egyptenaren al klagen:

‘ze pikken onze huizen in, ze pakken ons werk af en eten ons voedsel op.’

Na verloop van tijd werd de houding van de Egyptenaren ronduit vijandelijk,

en werden de Israëlieten als slaaf te werk gesteld.

 

dia 6 – (afbeelding weg)

Maar nu staan ze dan eindelijk aan de poort van het beloofde land.

Eindelijk een eigen land!

Het bijbelboek Deuteronomium bestaat bijna helemaal

uit toespraken van Mozes op de drempel van het beloofde land –

zo ook het gedeelte dat wij lazen.

Stel je voor: opeens ben je geen volk meer zonder land.

Niet langer vogelvrij verklaard, niet langer nergens welkom.

Want in de woestijn moesten ze steeds uitwijken voor andere volken

die hun aanwezigheid niet bepaald op prijs stelden.

Maar als binnenkort de Israëlieten niet langer zwervende vreemdelingen zijn,

hoe moeten zij dan met vreemdelingen omgaan?

 

dia 7 – geen ruimte voor vreemdelingen?

Nu is het lastige dat je in het vreemdelingenbeleid van Israël 2 lijnen kunt aanwijzen

die nog eens behoorlijk tegenstrijdig lijken ook…

De eerste lijn is die uit Deuteronomium 10: behandel buitenlanders met liefde.

Dat is de lijn waar ik het met jullie over wilde hebben – en dat gaan we zo ook doen.

Maar tot mijn schrik kwam ik opeens nog een heel andere lijn tegen:

dat Israël alle vreemdelingen het land uit moet meppen…

Laten we niet doen alsof geen land zo’n ruim asielbeleid had als het oude Israël:

dat is gewoon niet waar.

Israël staat op het punt het beloofde land in te nemen,

en de huidige bewoners moeten daarvoor wijken.

In Deuteronomium 7 geeft God zelfs de opdracht om 7 volken volledig uit te roeien.

Want het beloofde land  moet een land zijn

waar geen andere goden dan de God van Israël worden vereerd.

Dat is nogal een beperking voor Israëls asielbeleid:

je kunt slechts asiel krijgen als je je oude goden afzweert

en Israëls God gaat aanbidden.

Oftewel: je bent welkom – maar dan moet je in alles als wij worden.

 

Ga je déze lijn naar de Nederlandse situatie vertalen,

dan kom je op dingen als dat Nederland voor de Nederlanders is

en dat als je hier dan tóch zo nodig wilt wonen,

dat je je dan volledig aan te passen hebt.

 

Maar dat gaat te snel: Nederland is niet het oude Israël!

Israël was, met een moeilijk woord, een ‘theocratie’.

Dus geen  democratie, waar het  volk regeert,

maar een theocratie, waar God regeert en de wetten bepaalt.

Maar Jezus buigt dat om in iets heel anders.

Jezus zegt: ‘mijn koninkrijk is niet van deze wereld’.

Jezus  is koning, maar niet van een afgebakend land op aarde – zelfs niet Israël.

Jezus zegt niet: ‘ik wil een land waar alleen maar christenen wonen.’

In plaats daarvan zegt hij: ‘wees, midden in de wereld die van mij niet wil weten,

tot zegen voor de mensen om je heen – als ambassadeur van mijn koninkrijk.’

Waar Israël zich moest beschermen tegen invloeden van buiten

is dat dus niet meer onze opdracht.

 

2.    Liefde voor vreemdelingen

dia 8 – God heeft liefde voor vreemdelingen

En zelfs in Israël betekende dat niet dat alleen geboren Israëlieten meetelden.

Hoogste tijd om terug te gaan naar Deuteronomium 10: wat dan wel?

Vers 18 en 19: ‘De Heer neemt vreemdelingen in bescherming

en voorziet hen van voedsel en kleding.

Ook u moet vreemdelingen met liefde behandelen,

want u bent zelf vreemdelingen geweest in Egypte.’

En dit is niet zomaar een of ander obscuur wetje,

verstopt in een weinig gelezen hoekje van Israëls wetboek:

de opdracht om vreemdelingen lief te hebben komt in het Oude Testament 36 keer voor!

 

Deze wet begint met hoe God zelf is:

‘De Heer neemt vreemdelingen in bescherming.’

Dat maakt dit ook een wet die je niet zomaar aan de kant kunt schijven.

Dé reden om vreemdelingen met liefde te behandelen

is dat Gód vreemdelingen met liefde behandelt.

In 1 van die andere 36 wetten, Leviticus 19, staat daar bij:

behandel vreemdelingen alsof ze echte Israëlieten zijn.

Of, in ons geval, alsof het ‘gewone’ Nederlanders zijn.

 

dia 9 - demonstratie

Daar gaat het dus vaak mis.

Zoals die 3e generatie Turken, die zich voelt buitengesloten.

In plaats van liefde is er angst voor buitenlanders.

Kun je ze wel echt vertrouwen?

Je weet maar nooit – misschien hebben ze wel verkeerde bedoelingen.

Straks blijkt dat die vriendelijke buurman

in zijn avonduren op zolder aan bommen knutselt…

Straks nemen ze ons land nog over!

O, en dat motto van de Egyptenaren, die kennen wij ook:

‘ze pikken onze huizen in, ze pakken ons werk af en ze eten ons voedsel op.’

Maar al te snel zijn vreemdelingen de zondebok: zij hebben het gedaan…

 

dia 10 - gastarbeiders

Maar God zegt: behandel je medelander met liefde!

In Deuteronomium wordt de vreemdeling in 1 adem genoemd met de weduwe en wees.

Vreemdelingen staan zwak in de samenleving.

Fidan Ekiz vertelt over haar vader, die vanuit Turkije naar Nederland kwam.

Veel mannen van zijn generatie zijn onder de druk bezweken.

Allereerst is  er de familie in Turkije die geld verwacht.

Dan is er de echtgenote die meegenomen is naar een vreemd land,

en zich alleen voelt met de kinderen.

Het werk is zwaar en vies.

Maar als je dan in de zomer in Turkije bent,

dan kun je niet toegeven hoe loodzwaar het is –

je doet je juist rijker voor dan je bent en steekt je in de schulden.

Een nieuw begin maken in een land waarvan je de cultuur niet kent en de taal niet spreekt,

dat is ontzettend moeilijk!

Maar God komt voor hen op – en wij daarom ook!

 

dia 11 – iedereen is een vreemdeling

Deuteronomium 10 geeft nog een reden om vreemdelingen lief te hebben:

‘u bent zelf vreemdelingen geweest in Egypte.’

Die buitenlander is niet anders dan jij – iedereen is een vreemdeling!

Dus dat Israël in Egypte slecht werd behandeld

is geen reden nu wraak te nemen op vreemdelingen in Israël.

Zo van: ‘nu zijn de rollen omgedraaid.’

Nee: als geen ander weet Israël hoe het voelt om een vreemde te zijn.

 

dia 12 - kamp

Ook Jezus weet daar alles van.

Want Jezus was een asielzoeker.

Als klein kind vluchtte hij met zijn ouders naar Egypte,

omdat koning Herodes het op hem voorzien had.

Vertaald naar nu: Jezus bracht een deel van zijn jeugd door

in een asielzoekerscentrum of een tentenkamp voor vluchtelingen.

En ook later leidt Jezus  een zwervend bestaan.

In Matteüs 8 zegt hij: ‘de vossen hebben holen en de vogels hebben nesten

maar de Mensenzoon kan zijn hoofd nergens te ruste leggen.’

Dat Jezus een vreemdeling was,

is voor christenen al genoeg reden om vreemdelingen lief te hebben!

 

Bovendien zijn christenen zelf ook vreemdelingen.

Ik had het al even over het koninkrijk van Jezus.

Christenen zijn burgers van dat koninkrijk,

en daarom vreemdelingen in deze wereld.

Ik hoor hier ook niet!

 

dia 13 – de vreemdeling als zegen

Buitenlanders worden vaak als probleem gezien.

En als dat je basishouding is, dan zie je dat overal bevestigd.

Maar als je leert van de vreemdeling te houden,

dan ga je zien wat een zegen vreemdelingen kunnen zijn!

Want liefde voor vreemdelingen is zoveel meer dan een opdracht:

het is niet iets vervelends wat nu eenmaal moet gebeuren.

 

dia 14 - lasagne

Vreemdelingen zijn een zegen voor ons land.

Zonder buitenlanders zouden wij nog elke avond aardappels met groente eten,

al dan niet gestampt…

Daar word ík niet heel gelukkig van,

dus ik ben onze vreemdelingen dankbaar voor lasagne en bami!

Goed, het eten is nog een kwestie van smaak.

Maar wat te denken van werk:

de Turkse Nederlanders zijn hier gekomen omdat we arbeidskrachten nodig hadden.

En in Nederland wordt wat geklaagd over buitenlanders die baantjes inpikken,

maar in het onderwijs, de zorg, de bouw en de ict lopen de tekorten behoorlijk op!

 

dia 15 - gastvrijheid

Maar nog belangrijker: wat kunnen wij veel van vreemdelingen leren!

Gastvrijheid bijvoorbeeld, en echt de tijd voor elkaar nemen.

Of hoe je met je familie omgaat.

Voor de meeste vreemdelingen is dat echt geen vraag:

je oma neem je gewoon in huis!

Als christen kun je ook veel leren van christenen uit andere culturen:

zij zien veel beter dan wij wat onze blinde vlekken zijn.

 

Natuurlijk, het is niet allemaal even makkelijk.

Soms loop je hard tegen cultuurverschillen aan,

en begrijp je elkaar oprecht niet.

Het vraagt van beide kanten je aan te passen.

Wat op zich al heel waardevol is,

want daardoor besef je des te meer dat jij ook een vreemdeling bent.

 

3.    Open en nieuwsgierig

dia 16 – open en nieuwsgierig

Ik wil graag afsluiten met een inspirerend filmpje –

ik hoop dat het je helpt om open en nieuwsgierig te zijn naar vreemdelingen.

In het filmpje krijgen westerlingen en asielzoekers de opdracht

elkaar 4 minuten aan te kijken.

Kijk maar mee wat er dan gebeurt:

 

dia 17 - filmpje

https://youtu.be/f7XhrXUoD6U

 

Zo simpel kan het zijn.

Gewoon iemand aankijken,

en dan geen buitenlander zien – maar een mens als jij!

Amen.

Deuteronomium 10:12-22 - GOD EN VREEMDELINGEN

Inleiding

dia 1 - nationaliteiten

Als je hier zo om je heen kijkt zou je het niet zeggen,

maar Zaanstad schijnt de stad te zijn met de meeste nationaliteiten van Nederland.

In ieder geval in 2016, aldus online nieuwsplatform De Orkaan:

in Zaanstad woonden toen 187 verschillende nationaliteiten,

terwijl Amsterdam niet verder kwam dan 169.

 

Ongeveer twee derde van de Zaankanters is van Nederlandse afkomst.

Het andere derde is een heel divers geheel:

van expats tot vluchtelingen.

Maar de grootste groep ‘Nederlanders met een migratie-achtergrond’,

zoals dat tegenwoordig zo mooi heet,

dat zijn in Zaanstad mensen met Turkse wortels:

ongeveer 5% van de Zaankanters is van Turkse komaf.

Waarbij alleen de 1e en 2e generatie meetellen:

zijn je opa en oma vanuit Turkije naar Nederland geëmigreerd,

dan ben je 3e generatie en tel je als oorspronkelijk Nederlander.

 

dia 2 - Ekiz

In eerste instantie kregen de Turkse gastarbeiders een warm welkom:

we hadden mensen nodig die hard wilden werken.

Maar zo warm is de sfeer niet meer.

Ik las deze week een boekje van de Turks-Nederlandse schrijfster Fidan Ekiz,

‘hoe lang nog zwijgen’ heet het,

en zij merkt dat de angst voor buitenlanders in Nederland alleen maar toeneemt.

Steeds vaker worden buitenlanders als bedreiging gezien.

 

Dat heeft zijn weerslag onder de Turkse Nederlanders.

Vooral de 3e generatie wil vaak terug naar Turkije.

Dat zijn dus mensen die volgens de statistiekjes al als oorspronkelijke Nederlanders tellen.

Ze zijn geboren in Nederland, hun ouders zijn geboren in Nederland

en hun grootouders wonen in Nederland.

Je sociale leven, je familie, het is allemaal hier.

Toch wil juist deze generatie vaak terug:

ze voelen zich Nederlands, maar door Nederlanders buitengesloten.

Eenmaal in Turkije blijkt vaak dat ze daar helemaal niet kunnen aarden:

daarvoor zijn ze te veel Nederlander geworden.

 

dia 3 – God en vreemdelingen / Deuteronomium 10

Blijkbaar vinden we het moeilijk om met onze medelanders om te gaan.

‘Vreemdelingen’, met een bijbels woord.

In Zaanstad zijn dat er nogal wat,

dus een belangrijk thema om ook in de kerk over na te denken.

Na ‘God en milieu’, 2 weken geleden, en ‘God en economie’, vorige week,

gaat het vandaag over God en vreemdelingen.

We lezen Deuteronomium 10:12-22.

 

1.    Eigen land

dia 4 – eindelijk een eigen land!

Je hoeft de Israëlieten niet te vertellen wat het is om vreemdeling te zijn:

daar hadden ze ruime ervaring mee!

Al sinds mensenheugenis, meer dan 400 jaar,

is Israël een volk zonder land.

Al die tijd hebben ze in Egypte gewoond,

maar Egyptenaren zijn ze nooit geworden: ze bleven vreemdelingen.

In eerste instantie werden de Israëlieten er,

net als de Turken in Nederland, warm ontvangen.

Ze kregen een eigen gebied om te wonen,

en leverden hun bijdrage aan de Egyptische samenleving:

hun Jozef had een hoge functie in de Egyptische hiërarchie.

 

dia 5 – slavernij Egypte

Maar toen bleek dat de Israëlieten geen tijdelijke gasten waren,

werd de  houding van de Egyptenaren al wat minder vriendelijk.

Bovendien bleven er maar meer Israëlieten komen:

het begon als één familie, maar langzamerhand werd het een heus volk.

En al die mensen moesten natuurlijk ergens wonen, werken en eten.

Je hoort de Egyptenaren al klagen:

‘ze pikken onze huizen in, ze pakken ons werk af en eten ons voedsel op.’

Na verloop van tijd werd de houding van de Egyptenaren ronduit vijandelijk,

en werden de Israëlieten als slaaf te werk gesteld.

 

dia 6 – (afbeelding weg)

Maar nu staan ze dan eindelijk aan de poort van het beloofde land.

Eindelijk een eigen land!

Het bijbelboek Deuteronomium bestaat bijna helemaal

uit toespraken van Mozes op de drempel van het beloofde land –

zo ook het gedeelte dat wij lazen.

Stel je voor: opeens ben je geen volk meer zonder land.

Niet langer vogelvrij verklaard, niet langer nergens welkom.

Want in de woestijn moesten ze steeds uitwijken voor andere volken

die hun aanwezigheid niet bepaald op prijs stelden.

Maar als binnenkort de Israëlieten niet langer zwervende vreemdelingen zijn,

hoe moeten zij dan met vreemdelingen omgaan?

 

dia 7 – geen ruimte voor vreemdelingen?

Nu is het lastige dat je in het vreemdelingenbeleid van Israël 2 lijnen kunt aanwijzen

die nog eens behoorlijk tegenstrijdig lijken ook…

De eerste lijn is die uit Deuteronomium 10: behandel buitenlanders met liefde.

Dat is de lijn waar ik het met jullie over wilde hebben – en dat gaan we zo ook doen.

Maar tot mijn schrik kwam ik opeens nog een heel andere lijn tegen:

dat Israël alle vreemdelingen het land uit moet meppen…

Laten we niet doen alsof geen land zo’n ruim asielbeleid had als het oude Israël:

dat is gewoon niet waar.

Israël staat op het punt het beloofde land in te nemen,

en de huidige bewoners moeten daarvoor wijken.

In Deuteronomium 7 geeft God zelfs de opdracht om 7 volken volledig uit te roeien.

Want het beloofde land  moet een land zijn

waar geen andere goden dan de God van Israël worden vereerd.

Dat is nogal een beperking voor Israëls asielbeleid:

je kunt slechts asiel krijgen als je je oude goden afzweert

en Israëls God gaat aanbidden.

Oftewel: je bent welkom – maar dan moet je in alles als wij worden.

 

Ga je déze lijn naar de Nederlandse situatie vertalen,

dan kom je op dingen als dat Nederland voor de Nederlanders is

en dat als je hier dan tóch zo nodig wilt wonen,

dat je je dan volledig aan te passen hebt.

 

Maar dat gaat te snel: Nederland is niet het oude Israël!

Israël was, met een moeilijk woord, een ‘theocratie’.

Dus geen  democratie, waar het  volk regeert,

maar een theocratie, waar God regeert en de wetten bepaalt.

Maar Jezus buigt dat om in iets heel anders.

Jezus zegt: ‘mijn koninkrijk is niet van deze wereld’.

Jezus  is koning, maar niet van een afgebakend land op aarde – zelfs niet Israël.

Jezus zegt niet: ‘ik wil een land waar alleen maar christenen wonen.’

In plaats daarvan zegt hij: ‘wees, midden in de wereld die van mij niet wil weten,

tot zegen voor de mensen om je heen – als ambassadeur van mijn koninkrijk.’

Waar Israël zich moest beschermen tegen invloeden van buiten

is dat dus niet meer onze opdracht.

 

2.    Liefde voor vreemdelingen

dia 8 – God heeft liefde voor vreemdelingen

En zelfs in Israël betekende dat niet dat alleen geboren Israëlieten meetelden.

Hoogste tijd om terug te gaan naar Deuteronomium 10: wat dan wel?

Vers 18 en 19: ‘De Heer neemt vreemdelingen in bescherming

en voorziet hen van voedsel en kleding.

Ook u moet vreemdelingen met liefde behandelen,

want u bent zelf vreemdelingen geweest in Egypte.’

En dit is niet zomaar een of ander obscuur wetje,

verstopt in een weinig gelezen hoekje van Israëls wetboek:

de opdracht om vreemdelingen lief te hebben komt in het Oude Testament 36 keer voor!

 

Deze wet begint met hoe God zelf is:

‘De Heer neemt vreemdelingen in bescherming.’

Dat maakt dit ook een wet die je niet zomaar aan de kant kunt schijven.

Dé reden om vreemdelingen met liefde te behandelen

is dat Gód vreemdelingen met liefde behandelt.

In 1 van die andere 36 wetten, Leviticus 19, staat daar bij:

behandel vreemdelingen alsof ze echte Israëlieten zijn.

Of, in ons geval, alsof het ‘gewone’ Nederlanders zijn.

 

dia 9 - demonstratie

Daar gaat het dus vaak mis.

Zoals die 3e generatie Turken, die zich voelt buitengesloten.

In plaats van liefde is er angst voor buitenlanders.

Kun je ze wel echt vertrouwen?

Je weet maar nooit – misschien hebben ze wel verkeerde bedoelingen.

Straks blijkt dat die vriendelijke buurman

in zijn avonduren op zolder aan bommen knutselt…

Straks nemen ze ons land nog over!

O, en dat motto van de Egyptenaren, die kennen wij ook:

‘ze pikken onze huizen in, ze pakken ons werk af en ze eten ons voedsel op.’

Maar al te snel zijn vreemdelingen de zondebok: zij hebben het gedaan…

 

dia 10 - gastarbeiders

Maar God zegt: behandel je medelander met liefde!

In Deuteronomium wordt de vreemdeling in 1 adem genoemd met de weduwe en wees.

Vreemdelingen staan zwak in de samenleving.

Fidan Ekiz vertelt over haar vader, die vanuit Turkije naar Nederland kwam.

Veel mannen van zijn generatie zijn onder de druk bezweken.

Allereerst is  er de familie in Turkije die geld verwacht.

Dan is er de echtgenote die meegenomen is naar een vreemd land,

en zich alleen voelt met de kinderen.

Het werk is zwaar en vies.

Maar als je dan in de zomer in Turkije bent,

dan kun je niet toegeven hoe loodzwaar het is –

je doet je juist rijker voor dan je bent en steekt je in de schulden.

Een nieuw begin maken in een land waarvan je de cultuur niet kent en de taal niet spreekt,

dat is ontzettend moeilijk!

Maar God komt voor hen op – en wij daarom ook!

 

dia 11 – iedereen is een vreemdeling

Deuteronomium 10 geeft nog een reden om vreemdelingen lief te hebben:

‘u bent zelf vreemdelingen geweest in Egypte.’

Die buitenlander is niet anders dan jij – iedereen is een vreemdeling!

Dus dat Israël in Egypte slecht werd behandeld

is geen reden nu wraak te nemen op vreemdelingen in Israël.

Zo van: ‘nu zijn de rollen omgedraaid.’

Nee: als geen ander weet Israël hoe het voelt om een vreemde te zijn.

 

dia 12 - kamp

Ook Jezus weet daar alles van.

Want Jezus was een asielzoeker.

Als klein kind vluchtte hij met zijn ouders naar Egypte,

omdat koning Herodes het op hem voorzien had.

Vertaald naar nu: Jezus bracht een deel van zijn jeugd door

in een asielzoekerscentrum of een tentenkamp voor vluchtelingen.

En ook later leidt Jezus  een zwervend bestaan.

In Matteüs 8 zegt hij: ‘de vossen hebben holen en de vogels hebben nesten

maar de Mensenzoon kan zijn hoofd nergens te ruste leggen.’

Dat Jezus een vreemdeling was,

is voor christenen al genoeg reden om vreemdelingen lief te hebben!

 

Bovendien zijn christenen zelf ook vreemdelingen.

Ik had het al even over het koninkrijk van Jezus.

Christenen zijn burgers van dat koninkrijk,

en daarom vreemdelingen in deze wereld.

Ik hoor hier ook niet!

 

dia 13 – de vreemdeling als zegen

Buitenlanders worden vaak als probleem gezien.

En als dat je basishouding is, dan zie je dat overal bevestigd.

Maar als je leert van de vreemdeling te houden,

dan ga je zien wat een zegen vreemdelingen kunnen zijn!

Want liefde voor vreemdelingen is zoveel meer dan een opdracht:

het is niet iets vervelends wat nu eenmaal moet gebeuren.

 

dia 14 - lasagne

Vreemdelingen zijn een zegen voor ons land.

Zonder buitenlanders zouden wij nog elke avond aardappels met groente eten,

al dan niet gestampt…

Daar word ík niet heel gelukkig van,

dus ik ben onze vreemdelingen dankbaar voor lasagne en bami!

Goed, het eten is nog een kwestie van smaak.

Maar wat te denken van werk:

de Turkse Nederlanders zijn hier gekomen omdat we arbeidskrachten nodig hadden.

En in Nederland wordt wat geklaagd over buitenlanders die baantjes inpikken,

maar in het onderwijs, de zorg, de bouw en de ict lopen de tekorten behoorlijk op!

 

dia 15 - gastvrijheid

Maar nog belangrijker: wat kunnen wij veel van vreemdelingen leren!

Gastvrijheid bijvoorbeeld, en echt de tijd voor elkaar nemen.

Of hoe je met je familie omgaat.

Voor de meeste vreemdelingen is dat echt geen vraag:

je oma neem je gewoon in huis!

Als christen kun je ook veel leren van christenen uit andere culturen:

zij zien veel beter dan wij wat onze blinde vlekken zijn.

 

Natuurlijk, het is niet allemaal even makkelijk.

Soms loop je hard tegen cultuurverschillen aan,

en begrijp je elkaar oprecht niet.

Het vraagt van beide kanten je aan te passen.

Wat op zich al heel waardevol is,

want daardoor besef je des te meer dat jij ook een vreemdeling bent.

 

3.    Open en nieuwsgierig

dia 16 – open en nieuwsgierig

Ik wil graag afsluiten met een inspirerend filmpje –

ik hoop dat het je helpt om open en nieuwsgierig te zijn naar vreemdelingen.

In het filmpje krijgen westerlingen en asielzoekers de opdracht

elkaar 4 minuten aan te kijken.

Kijk maar mee wat er dan gebeurt:

 

dia 17 - filmpje

https://youtu.be/f7XhrXUoD6U

 

Zo simpel kan het zijn.

Gewoon iemand aankijken,

en dan geen buitenlander zien – maar een mens als jij!

Amen.