Preek - Jona 2 - EEN LESJE GENADE

Een lesje genade

 

Inleiding

dia 1 - fouten

´Van je fouten kun je leren.´

Ik geloof direct dat dat zo is, maar fijn vind ik het niet!

Ik doe het liever direct goed,

zodat ik niet met mijn fouten wordt geconfronteerd.

Maar zo werkt het leven nu eenmaal niet…

 

dia 2 - afwas

Ik weet nog goed dat ik als student leerde afwassen.

Nee, maak je geen zorgen,

ik was als kind niet zo verwend dat ik nooit bij de afwas hoefde te helpen,

maar dat was meestal afdrogen.

Afwassen is toch echt iets anders.

 

Het was mijn beurt om de afwas te doen.

Daar had ik geen zin in,

dus ik probeerde het zo snel mogelijk te doen:

zo moeilijk kan afwassen toch niet zijn?

Daar had ik me in vergist.

Een half uur nadat ik met de afwas klaar was,

werd ik door een huisgenoot geroepen:

‘Mark, jij zou de afwas toch doen?’

‘Eh, ja, hoezo?’

‘Heb je wel gekeken hoe je de kopjes in de kast hebt gezet?’

Ik trok snel mijn conclusie: het zal wel niet goed zijn geweest –

maar hoe kan dat?

Ik had toch echt alles afgewassen!

 

Mijn huisgenoot had wel door wat er mis was gegaan:

‘heb je misschien eerst de pannen gedaan?’

Dat was inderdaad het geval.

Leek me handig: eerst het vervelendste klusje.

Maar dat was dus geen goed idee:

het water was zo vies geworden,

dat de rest van de afwas er niet schoner van werd.

 

Ik probeerde me er nog vanaf te maken met een ‘sorry, volgende keer beter’,

maar mijn huisgenoot was onverbiddelijk: de afwas moest over.

Gelukkig was hij de beroerdste niet, en heeft hij mij er bij geholpen.

Sindsdien begin ik nooit meer met de pannen: ik heb mijn lesje geleerd.

 

dia 3 –  een lesje genade / Jona 2

Vandaag gaan we verder met het verhaal van Jona.

Ook Jona moet van zijn fouten leren.

Voor Jona is het een harde les.

Laten we het lezen: Jona 2.

 

Jona in de vis – daar gaat het vandaag over.

Wie Jona zegt, zegt vis.

Maar het is meer dan een wonderlijk verhaal:

in de vis leert Jona een lesje genade.

En die les is ook voor ons de moeite waard!

 

1.    Niets beter…

dia 4 – terugblik: Jona, de deserteur (deserteur)

Eerst een terugblik.

Vorige week begonnen we met het verhaal van Jona.

We leerden hem kennen als de weglopende profeet: een deserteur.

Jona krijgt van God een opdracht: ‘ga naar Ninevé’,

maar Jona gaat tot het uiterste om onder deze taak uit te komen.

Hij pakt een boot, precies de verkeerde kant op,

en als blijkt dat God hem ook op zee achterna komt,

doet Jona de ultieme poging van God te vluchten:

‘gooi mij maar in zee’, zegt hij tegen de bemanning die hem heeft meegenomen.

Jona denkt dat hij God dood te slim af is.

Maar hij heeft zich vergist – Jona 2:1:

‘De Heer liet Jona opslokken door een grote vis.’

 

dia 5 – Jona: ‘ik ben goed, zij zijn slecht’

Daar zit Jona.

Een soort van dood in de buik van een zeemonster.

Wie had dat gedacht?

Jona in ieder geval niet!

Hoe diep is Jona gezonken…

Letterlijk, in zijn geval: de tijd van onderzeeboten was nog ver weg,

maar Jona dwaalt rond in het diepst van de zee.

 

dia 6 - zwartwit

Voor Jona was de wereld altijd heel overzichtelijk.

Je hebt goede mensen en je hebt slechte mensen.

Jona is niet de man van de eindeloze nuances,

die in iedereen wel iets goeds weet boven te halen,

nee: hij is lekker rechttoe rechtaan, zwart/wit.

Er zijn goede mensen – zijn eigen volk Israël voorop,

en er zijn slechte mensen – bijna alle anderen.

Het allerslechtst, dat zijn de Ninevieten.

De beste Nineviet is een dode Nineviet.

 

Maar in plaats van dat de Ninevieten dood zijn, is Jona dood!

Nou ja, hij denkt nog en ademt nog

– al is de lucht in de vissenmaag niet te harden –

dus technisch gezien is hij nog in leven.

Maar zo voelt het voor Jona niet:

‘uit het rijk van de dood schreeuw ik om hulp!’

In plaats van dat God boos is op de Ninevieten,

is God nu boos op zijn eigen profeet.

Jona zegt: ‘u slingerde mij de diepte in.’

 

dia 7 – (doorhaling)

Het zet Jona’s wereld op de kop.

Het was altijd zo duidelijk.

Je hebt goede mensen, zoals Jona,

en je hebt slechte mensen, vooral die vervloekte Ninevieten.

Maar Jona is minstens zo hard weggerend van God

als die Ninevieten deden.

Jona is niets beter dan die Ninevieten die hij zo veracht.

Dat is de enige conclusie die hij nog kan trekken.

 

dia 8 – ben je een goed of een slecht mens? (Putin)

Die gedachte van Jona,

dat er goede mensen en slechte mensen zijn,

die herken ik wel.

Zelf ben ik uiteraard een van de goede mensen.

Slechte mensen weet ik ook wel op te noemen.

Russen bijvoorbeeld, met Vladimir Putin voorop:

dat vind ik altijd zo’n eng mannetje.

En natuurlijk Kim Jong Un in Noord Korea:

wat een verknipte geest is dat.

Maar ook dichter bij huis:

mensen die op de verkeerde politieke partij stemmen.

Ik ben goed, en als iedereen was zoals ik,

zou deze wereld een veel aangenamere plek zijn.

Niet dus!

 

dia 9 – vriendelijk

Wat zijn we er goed in

van anderen precies te weten wat ze verkeerd doen,

maar blind te zijn voor het kwaad in jezelf.

Niemand vindt zichzelf een slecht mens.

Misschien vind je geloven in God daarom ook niet zo nodig:

sommige mensen hebben geloven nodig om een goed mens te worden,

maar jij bent het uit jezelf al.

En je kunt je niet voorstellen dat als er een God bestaat,

deze God boos op je zou kunnen zijn.

Want jij bent best een goed mens.

In het verkeer geef je netjes voorrang,

je buren mogen altijd een beroep op je doen

en elke maand maak je wat geld over naar een goed doel.

 

dia 10 – afbeelding weg

Maar door het verhaal van Jona vraagt God je anders te kijken.

Goede mensen, zoals Jona, blijken net zo goed slecht.

Ze rennen net zo hard van God weg.

Weet je wel zeker dat je beter bent dan slechte mensen?

 

2.    Transformerende genade

dia 11 – transformerende genade

Jona leert dat hij slecht is.

Dat is een harde les.

Maar het gaat samen met een lesje genade.

Jona leert Gods – met een moeilijk woord – ‘transformerende’ genade kennen:

genade die hem niet alleen een tweede kans geeft,

maar ook een ander mens van hem maakt.

 

dia 12 – vis

Het verhaal van Jona lijkt afgelopen.

Op het moment dat Jona overboord wordt gekieperd,

weet hij dat het met hem gedaan is.

Het leek aantrekkelijk, dood zijn om van God af te zijn,

maar zodra Jona het water raakt, begint hij alweer spijt te krijgen.

Er is alleen geen weg terug.

 

Of toch?

Jona beseft nauwelijks wat er gebeurt, zo snel gaat het.

Hij voelt dat hij niet de enige in het water is.

Er wordt aan zijn been getrokken.

Hap, slik en weg is Jona.

In de buik van de vis.

Dood, maar toch ook weer niet.

 

Stel je voor dat jij daar zou zitten.

Natuurlijk, dat is bizar.

Maar stel je eens voor.

Eerst sta je doodsangsten uit – dat kan niet anders.

Je ziet geen hand voor ogen,

maar het stinkt er een uur in de wind.

Na een tijdje komt daar de verbijstering bij: ben ik gered door een vis?!

Nog weer later zakt de eerste adrenaline wat weg,

en kom je erachter dat je alleen bent.

Niemand om even van je af te praten,

maar helemaal alleen met je eigen gedachten.

Je begint na te denken: hoe is het mogelijk dat ik hierin verzeild ben geraakt?

Steeds scherper zie je dat jij zelf het probleem bent.

En dan groeit ook verwondering:

je bent dood, maar toch ook weer niet.

 

dia 13 – genade: God van 2e kansen

‘U trekt mij levend uit de dood omhoog.’

Wauw – dat vind ik echt mooi,

het mooiste zinnetje uit dat hele gebed van Jona:

‘u trekt mij levend uit de dood omhoog.’

Jona wilde van God verlost worden,

maar God wil daar niets van weten.

God achtervolgt Jona.

 

dia 14 - politie

Meestal is achtervolgen niet zo positief.

Bijvoorbeeld als je op de snelweg wordt gevolgd door een anonieme auto,

waardoor je het gaspedaal nog maar wat dieper intrapt.

Je zult altijd zien dat die anonieme auto van de verkeerspolitie is…

God achtervolgt Jona,

maar niet met de bedoeling Jona nog verder in het ongeluk te storten:

God achtervolgt Jona met genade!

 

dia 15 – (afbeelding weg)

Jona krijgt een 2e kans.

Een kans om het goed te doen.

Als God zo zwart/wit was geweest als Jona,

had hij Jona laten wegrotten in de vis.

Maar God is een God van 2e kansen.

De vis, de dood, houdt Jona niet vast: hij spuugt Jona uit, aan land.

 

dia 16 – transformerend: genade maakt Jona klaar

Even terug naar dat moeilijke woord: ‘transformerende’ genade.

Als je, zoals Jona, genade krijgt, wordt je er ook een ander mens van.

Het leven is geen computerspel waar je de tijd even kunt terugspoelen,

teruggaan naar een punt dat het nog goed ging,

en vanaf daar weer gewoon opnieuw beginnen.

Reken maar dat deze ervaring van genade toen Jona niet dieper kon zinken

hem voor de rest van zijn leven gestempeld heeft!

Jona krijgt niet alleen een tweede kans,

hij leert daarmee ook een les, net als ik met die afwas.

 

Wat leert Jona dan?

In ieder geval dat niet klopt wat hij altijd gedacht heeft,

dat er goede en slechte mensen zijn,

en Jona zelf bij de goede mensen hoort.

Jona had niet anders verdiend dan dat God hem had laten verdrinken.

Dat Jona nog in leven is, is een sterk staaltje genade.

Dat zou ervoor moeten zorgen dat Jona nu ook minder moeite heeft

om naar die slechte mensen in Ninevé te gaan:

waarom zou Jona een 2e kans verdienen, maar de Ninevieten niet?

Door Jona te redden, maakt God hem klaar voor zijn taak.

 

dia 17 - …al verandert Jona moeilijk

Nou ja, eerlijk is eerlijk,

Jona is een behoorlijke stijfkop die niet makkelijk te veranderen is.

In het vervolg, Jona 3, gaat hij naar Ninevé,

maar daar houdt het dan ook wel zo ongeveer op –

volgende week horen we daar nog wel meer over.

Jona’s gebed is ook wel een beetje vreemd.

Ik had op zijn minst een schuldbelijdenis van Jona verwacht,

maar hij lijkt God de schuld te geven van zijn ellendige situatie…

Of neem dit stukje:

‘zij die armzalige afgoden vereren, verlaten u, trouwe God!

Maar ik zal mijn stem in dank verheffen.’

Hoor ik dat nou goed Jona – heb je nu alweer vrome praatjes?

Wie heeft God nu verlaten?

Die armzalige afgodendienaars of jij, Jona?

Jona verandert maar langzaam,

zijn ware aard komt al snel weer naar boven,

en misschien is dat ook wel mooi:

het is in ieder geval lekker realistisch.

 

dia 18 – Jezus – een 2e kans voor goede én slechte mensen

In Matteüs 12 vergelijkt Jezus zichzelf met Jona.

Hij zegt daar: ‘zoals Jona drie dagen en drie nachten in de buik van een grote vis zat,

zo zal de Mensenzoon drie dagen en drie nachten in het binnenste van de aarde verblijven.’

Ik vind het al wonderlijk dat Jezus zich met zo’n flutprofeet als Jona vergelijkt.

Maar Jezus voelt zich daar niet te goed voor – dat geeft de burger al moed!

Terwijl Jezus de enige mens is die wél echt goed is.

Jezus wijst vooruit naar wat er met hem gaat gebeuren.

Jezus zal, net als Jona, in het dodenrijk afdalen.

Maar Jezus weet ook wat dan gebeuren zal:

God zal hem levend uit de dood omhoog trekken!

En zo krijgt niet alleen Jezus een nieuw begin,

maar ook de hele mensheid een 2e kans.

Door Jezus wil God jou een 2e kans geven,

of je je nu slecht voelt, zoals de Ninevieten, of goed, zoals Jona.

 

3.    Groeien in genade

dia 19 – groeien in genade

Jona leert een lesje genade.

Niet dat hij van het ene op het andere moment compleet verandert –

zo snel gaat dat niet – maar hij groeit wel in genade.

 

dia 20 – groeien door het leven

We zullen niet allemaal zulke harde lessen krijgen als Jona.

Jona wordt wel heel hard met zijn eigen slechtheid geconfronteerd.

Zijn verhaal is uniek.

Maar iedereen krijgt z’n levenslessen.

In elk leven zijn er van die momenten dat je een sprong kunt maken in genade.

 

dia 21 - parkeergarage

Bijvoorbeeld hoe je met dieptepunten omgaat:

zit je dan vol onbegrip en boosheid,

of het  nu op jezelf, de wereld of het systeem is,

of mag God je in je pijn vormen?

Laat ik het iets praktische maken.

Deze week stortte een parkeergarage in Wormerveer in.

Wonder boven wonder was er alleen materiële schade.

Maar stel dat jij daar onder het puin zou zijn weggehaald,

levend, maar met verbrijzelde benen,

moeten de verantwoordelijken dan koste wat het kost boeten,

of probeer je, hoe pijnlijk het ook is, en hoe het ook tegen je gevoel indruist, te vergeven?

 

Of als je met jezelf wordt geconfronteerd,

merkt dat je altijd zit te foeteren op andere weggebruikers,

of dat je je kinderen afsnauwt,

of dat je medemens je gestolen kan worden -

praat je dat dan goed,

of durf je toe te geven dat je arrogant en egoïstisch bent

en durf je te groeien in genade?

 

dia 22 – wie genade ontvangt, wordt genadig

Het begint allemaal met genade ontvangen.

We geloven graag dat we goede mensen zijn – maar wat valt dat tegen.

Maar toegeven, ho maar!

Want in onze samenleving wordt je daar op afgerekend.

Christenen kunnen eerlijker over zichzelf zijn:

bij God wordt je niet afgerekend op dat je slecht bent.

Bij God krijg je altijd een 2e kans.

Of een 3e, of 4e, of een ziljoenste als dat nodig is.

 

Als je dan Jona kunt nazeggen:

‘u trekt mij levend uit de dood omhoog’,

dan kun je zelf ook genadig worden.

Als je weet hoe ongelofelijk veel genade God met jou heeft,

dan maakt het je mild naar anderen.

Durf jij het aan?

Amen.

Jona 2 - EEN LESJE GENADE

Een lesje genade

 

Inleiding

dia 1 - fouten

´Van je fouten kun je leren.´

Ik geloof direct dat dat zo is, maar fijn vind ik het niet!

Ik doe het liever direct goed,

zodat ik niet met mijn fouten wordt geconfronteerd.

Maar zo werkt het leven nu eenmaal niet…

 

dia 2 - afwas

Ik weet nog goed dat ik als student leerde afwassen.

Nee, maak je geen zorgen,

ik was als kind niet zo verwend dat ik nooit bij de afwas hoefde te helpen,

maar dat was meestal afdrogen.

Afwassen is toch echt iets anders.

 

Het was mijn beurt om de afwas te doen.

Daar had ik geen zin in,

dus ik probeerde het zo snel mogelijk te doen:

zo moeilijk kan afwassen toch niet zijn?

Daar had ik me in vergist.

Een half uur nadat ik met de afwas klaar was,

werd ik door een huisgenoot geroepen:

‘Mark, jij zou de afwas toch doen?’

‘Eh, ja, hoezo?’

‘Heb je wel gekeken hoe je de kopjes in de kast hebt gezet?’

Ik trok snel mijn conclusie: het zal wel niet goed zijn geweest –

maar hoe kan dat?

Ik had toch echt alles afgewassen!

 

Mijn huisgenoot had wel door wat er mis was gegaan:

‘heb je misschien eerst de pannen gedaan?’

Dat was inderdaad het geval.

Leek me handig: eerst het vervelendste klusje.

Maar dat was dus geen goed idee:

het water was zo vies geworden,

dat de rest van de afwas er niet schoner van werd.

 

Ik probeerde me er nog vanaf te maken met een ‘sorry, volgende keer beter’,

maar mijn huisgenoot was onverbiddelijk: de afwas moest over.

Gelukkig was hij de beroerdste niet, en heeft hij mij er bij geholpen.

Sindsdien begin ik nooit meer met de pannen: ik heb mijn lesje geleerd.

 

dia 3 –  een lesje genade / Jona 2

Vandaag gaan we verder met het verhaal van Jona.

Ook Jona moet van zijn fouten leren.

Voor Jona is het een harde les.

Laten we het lezen: Jona 2.

 

Jona in de vis – daar gaat het vandaag over.

Wie Jona zegt, zegt vis.

Maar het is meer dan een wonderlijk verhaal:

in de vis leert Jona een lesje genade.

En die les is ook voor ons de moeite waard!

 

1.    Niets beter…

dia 4 – terugblik: Jona, de deserteur (deserteur)

Eerst een terugblik.

Vorige week begonnen we met het verhaal van Jona.

We leerden hem kennen als de weglopende profeet: een deserteur.

Jona krijgt van God een opdracht: ‘ga naar Ninevé’,

maar Jona gaat tot het uiterste om onder deze taak uit te komen.

Hij pakt een boot, precies de verkeerde kant op,

en als blijkt dat God hem ook op zee achterna komt,

doet Jona de ultieme poging van God te vluchten:

‘gooi mij maar in zee’, zegt hij tegen de bemanning die hem heeft meegenomen.

Jona denkt dat hij God dood te slim af is.

Maar hij heeft zich vergist – Jona 2:1:

‘De Heer liet Jona opslokken door een grote vis.’

 

dia 5 – Jona: ‘ik ben goed, zij zijn slecht’

Daar zit Jona.

Een soort van dood in de buik van een zeemonster.

Wie had dat gedacht?

Jona in ieder geval niet!

Hoe diep is Jona gezonken…

Letterlijk, in zijn geval: de tijd van onderzeeboten was nog ver weg,

maar Jona dwaalt rond in het diepst van de zee.

 

dia 6 - zwartwit

Voor Jona was de wereld altijd heel overzichtelijk.

Je hebt goede mensen en je hebt slechte mensen.

Jona is niet de man van de eindeloze nuances,

die in iedereen wel iets goeds weet boven te halen,

nee: hij is lekker rechttoe rechtaan, zwart/wit.

Er zijn goede mensen – zijn eigen volk Israël voorop,

en er zijn slechte mensen – bijna alle anderen.

Het allerslechtst, dat zijn de Ninevieten.

De beste Nineviet is een dode Nineviet.

 

Maar in plaats van dat de Ninevieten dood zijn, is Jona dood!

Nou ja, hij denkt nog en ademt nog

– al is de lucht in de vissenmaag niet te harden –

dus technisch gezien is hij nog in leven.

Maar zo voelt het voor Jona niet:

‘uit het rijk van de dood schreeuw ik om hulp!’

In plaats van dat God boos is op de Ninevieten,

is God nu boos op zijn eigen profeet.

Jona zegt: ‘u slingerde mij de diepte in.’

 

dia 7 – (doorhaling)

Het zet Jona’s wereld op de kop.

Het was altijd zo duidelijk.

Je hebt goede mensen, zoals Jona,

en je hebt slechte mensen, vooral die vervloekte Ninevieten.

Maar Jona is minstens zo hard weggerend van God

als die Ninevieten deden.

Jona is niets beter dan die Ninevieten die hij zo veracht.

Dat is de enige conclusie die hij nog kan trekken.

 

dia 8 – ben je een goed of een slecht mens? (Putin)

Die gedachte van Jona,

dat er goede mensen en slechte mensen zijn,

die herken ik wel.

Zelf ben ik uiteraard een van de goede mensen.

Slechte mensen weet ik ook wel op te noemen.

Russen bijvoorbeeld, met Vladimir Putin voorop:

dat vind ik altijd zo’n eng mannetje.

En natuurlijk Kim Jong Un in Noord Korea:

wat een verknipte geest is dat.

Maar ook dichter bij huis:

mensen die op de verkeerde politieke partij stemmen.

Ik ben goed, en als iedereen was zoals ik,

zou deze wereld een veel aangenamere plek zijn.

Niet dus!

 

dia 9 – vriendelijk

Wat zijn we er goed in

van anderen precies te weten wat ze verkeerd doen,

maar blind te zijn voor het kwaad in jezelf.

Niemand vindt zichzelf een slecht mens.

Misschien vind je geloven in God daarom ook niet zo nodig:

sommige mensen hebben geloven nodig om een goed mens te worden,

maar jij bent het uit jezelf al.

En je kunt je niet voorstellen dat als er een God bestaat,

deze God boos op je zou kunnen zijn.

Want jij bent best een goed mens.

In het verkeer geef je netjes voorrang,

je buren mogen altijd een beroep op je doen

en elke maand maak je wat geld over naar een goed doel.

 

dia 10 – afbeelding weg

Maar door het verhaal van Jona vraagt God je anders te kijken.

Goede mensen, zoals Jona, blijken net zo goed slecht.

Ze rennen net zo hard van God weg.

Weet je wel zeker dat je beter bent dan slechte mensen?

 

2.    Transformerende genade

dia 11 – transformerende genade

Jona leert dat hij slecht is.

Dat is een harde les.

Maar het gaat samen met een lesje genade.

Jona leert Gods – met een moeilijk woord – ‘transformerende’ genade kennen:

genade die hem niet alleen een tweede kans geeft,

maar ook een ander mens van hem maakt.

 

dia 12 – vis

Het verhaal van Jona lijkt afgelopen.

Op het moment dat Jona overboord wordt gekieperd,

weet hij dat het met hem gedaan is.

Het leek aantrekkelijk, dood zijn om van God af te zijn,

maar zodra Jona het water raakt, begint hij alweer spijt te krijgen.

Er is alleen geen weg terug.

 

Of toch?

Jona beseft nauwelijks wat er gebeurt, zo snel gaat het.

Hij voelt dat hij niet de enige in het water is.

Er wordt aan zijn been getrokken.

Hap, slik en weg is Jona.

In de buik van de vis.

Dood, maar toch ook weer niet.

 

Stel je voor dat jij daar zou zitten.

Natuurlijk, dat is bizar.

Maar stel je eens voor.

Eerst sta je doodsangsten uit – dat kan niet anders.

Je ziet geen hand voor ogen,

maar het stinkt er een uur in de wind.

Na een tijdje komt daar de verbijstering bij: ben ik gered door een vis?!

Nog weer later zakt de eerste adrenaline wat weg,

en kom je erachter dat je alleen bent.

Niemand om even van je af te praten,

maar helemaal alleen met je eigen gedachten.

Je begint na te denken: hoe is het mogelijk dat ik hierin verzeild ben geraakt?

Steeds scherper zie je dat jij zelf het probleem bent.

En dan groeit ook verwondering:

je bent dood, maar toch ook weer niet.

 

dia 13 – genade: God van 2e kansen

‘U trekt mij levend uit de dood omhoog.’

Wauw – dat vind ik echt mooi,

het mooiste zinnetje uit dat hele gebed van Jona:

‘u trekt mij levend uit de dood omhoog.’

Jona wilde van God verlost worden,

maar God wil daar niets van weten.

God achtervolgt Jona.

 

dia 14 - politie

Meestal is achtervolgen niet zo positief.

Bijvoorbeeld als je op de snelweg wordt gevolgd door een anonieme auto,

waardoor je het gaspedaal nog maar wat dieper intrapt.

Je zult altijd zien dat die anonieme auto van de verkeerspolitie is…

God achtervolgt Jona,

maar niet met de bedoeling Jona nog verder in het ongeluk te storten:

God achtervolgt Jona met genade!

 

dia 15 – (afbeelding weg)

Jona krijgt een 2e kans.

Een kans om het goed te doen.

Als God zo zwart/wit was geweest als Jona,

had hij Jona laten wegrotten in de vis.

Maar God is een God van 2e kansen.

De vis, de dood, houdt Jona niet vast: hij spuugt Jona uit, aan land.

 

dia 16 – transformerend: genade maakt Jona klaar

Even terug naar dat moeilijke woord: ‘transformerende’ genade.

Als je, zoals Jona, genade krijgt, wordt je er ook een ander mens van.

Het leven is geen computerspel waar je de tijd even kunt terugspoelen,

teruggaan naar een punt dat het nog goed ging,

en vanaf daar weer gewoon opnieuw beginnen.

Reken maar dat deze ervaring van genade toen Jona niet dieper kon zinken

hem voor de rest van zijn leven gestempeld heeft!

Jona krijgt niet alleen een tweede kans,

hij leert daarmee ook een les, net als ik met die afwas.

 

Wat leert Jona dan?

In ieder geval dat niet klopt wat hij altijd gedacht heeft,

dat er goede en slechte mensen zijn,

en Jona zelf bij de goede mensen hoort.

Jona had niet anders verdiend dan dat God hem had laten verdrinken.

Dat Jona nog in leven is, is een sterk staaltje genade.

Dat zou ervoor moeten zorgen dat Jona nu ook minder moeite heeft

om naar die slechte mensen in Ninevé te gaan:

waarom zou Jona een 2e kans verdienen, maar de Ninevieten niet?

Door Jona te redden, maakt God hem klaar voor zijn taak.

 

dia 17 - …al verandert Jona moeilijk

Nou ja, eerlijk is eerlijk,

Jona is een behoorlijke stijfkop die niet makkelijk te veranderen is.

In het vervolg, Jona 3, gaat hij naar Ninevé,

maar daar houdt het dan ook wel zo ongeveer op –

volgende week horen we daar nog wel meer over.

Jona’s gebed is ook wel een beetje vreemd.

Ik had op zijn minst een schuldbelijdenis van Jona verwacht,

maar hij lijkt God de schuld te geven van zijn ellendige situatie…

Of neem dit stukje:

‘zij die armzalige afgoden vereren, verlaten u, trouwe God!

Maar ik zal mijn stem in dank verheffen.’

Hoor ik dat nou goed Jona – heb je nu alweer vrome praatjes?

Wie heeft God nu verlaten?

Die armzalige afgodendienaars of jij, Jona?

Jona verandert maar langzaam,

zijn ware aard komt al snel weer naar boven,

en misschien is dat ook wel mooi:

het is in ieder geval lekker realistisch.

 

dia 18 – Jezus – een 2e kans voor goede én slechte mensen

In Matteüs 12 vergelijkt Jezus zichzelf met Jona.

Hij zegt daar: ‘zoals Jona drie dagen en drie nachten in de buik van een grote vis zat,

zo zal de Mensenzoon drie dagen en drie nachten in het binnenste van de aarde verblijven.’

Ik vind het al wonderlijk dat Jezus zich met zo’n flutprofeet als Jona vergelijkt.

Maar Jezus voelt zich daar niet te goed voor – dat geeft de burger al moed!

Terwijl Jezus de enige mens is die wél echt goed is.

Jezus wijst vooruit naar wat er met hem gaat gebeuren.

Jezus zal, net als Jona, in het dodenrijk afdalen.

Maar Jezus weet ook wat dan gebeuren zal:

God zal hem levend uit de dood omhoog trekken!

En zo krijgt niet alleen Jezus een nieuw begin,

maar ook de hele mensheid een 2e kans.

Door Jezus wil God jou een 2e kans geven,

of je je nu slecht voelt, zoals de Ninevieten, of goed, zoals Jona.

 

3.    Groeien in genade

dia 19 – groeien in genade

Jona leert een lesje genade.

Niet dat hij van het ene op het andere moment compleet verandert –

zo snel gaat dat niet – maar hij groeit wel in genade.

 

dia 20 – groeien door het leven

We zullen niet allemaal zulke harde lessen krijgen als Jona.

Jona wordt wel heel hard met zijn eigen slechtheid geconfronteerd.

Zijn verhaal is uniek.

Maar iedereen krijgt z’n levenslessen.

In elk leven zijn er van die momenten dat je een sprong kunt maken in genade.

 

dia 21 - parkeergarage

Bijvoorbeeld hoe je met dieptepunten omgaat:

zit je dan vol onbegrip en boosheid,

of het  nu op jezelf, de wereld of het systeem is,

of mag God je in je pijn vormen?

Laat ik het iets praktische maken.

Deze week stortte een parkeergarage in Wormerveer in.

Wonder boven wonder was er alleen materiële schade.

Maar stel dat jij daar onder het puin zou zijn weggehaald,

levend, maar met verbrijzelde benen,

moeten de verantwoordelijken dan koste wat het kost boeten,

of probeer je, hoe pijnlijk het ook is, en hoe het ook tegen je gevoel indruist, te vergeven?

 

Of als je met jezelf wordt geconfronteerd,

merkt dat je altijd zit te foeteren op andere weggebruikers,

of dat je je kinderen afsnauwt,

of dat je medemens je gestolen kan worden -

praat je dat dan goed,

of durf je toe te geven dat je arrogant en egoïstisch bent

en durf je te groeien in genade?

 

dia 22 – wie genade ontvangt, wordt genadig

Het begint allemaal met genade ontvangen.

We geloven graag dat we goede mensen zijn – maar wat valt dat tegen.

Maar toegeven, ho maar!

Want in onze samenleving wordt je daar op afgerekend.

Christenen kunnen eerlijker over zichzelf zijn:

bij God wordt je niet afgerekend op dat je slecht bent.

Bij God krijg je altijd een 2e kans.

Of een 3e, of 4e, of een ziljoenste als dat nodig is.

 

Als je dan Jona kunt nazeggen:

‘u trekt mij levend uit de dood omhoog’,

dan kun je zelf ook genadig worden.

Als je weet hoe ongelofelijk veel genade God met jou heeft,

dan maakt het je mild naar anderen.

Durf jij het aan?

Amen.